Het romantische beeld van de schrijver in de buitenlucht is buitengewoon hardnekkig. Je ziet het al helemaal voor je: vogelgetjilp op de achtergrond, een zacht briesje dat je creatieve zintuigen op scherp zet, en de natuur die je verbeelding voedt met pure inspiratie. De werkelijkheid van een zomerse schrijfsessie in de achtertuin is helaas vaak een stuk minder poëtisch en dwingt je zintuigen vooral op een heel andere, tamelijk hysterische manier tot uiterste alertheid.
Het begint meestal met een subtiel, monotoon gezoem ergens vlak bij je linkeroor. Is het een onschuldige bij? Een agressieve wesp? Je probeert het eerst nog stoïcijns te negeren om in je creatieve bubbel te blijven, totdat het insect besluit een landingspoging op je neus te wagen. WOOOAAA! Laptop aan de kant, stoel achterover en rennen voor je leven. Tegen de tijd dat je aan het einde van het gazon staat te hijgen, ben je er heilig van overtuigd dat een prehistorische hoornaar het persoonlijk op je gemunt heeft. Weg inspiratie, hallo overlevingsdrang.
Als de rust eenmaal is wedergekeerd en het vliegende gevaar is geweken, merk je dat die dampende mok koffie bij nader inzien een tactische blunder was in de brandende zon. Tijd voor een upgrade. Een ijskoude cocktail klinkt als de ultieme luxe, maar als auteur moet je het verstand er wel een beetje bij houden. Voor je het weet zorgen de alcoholpromilles ervoor dat de woorden zo verward op papier belanden dat je personages in een volstrekt onbegrijpelijke dialoog verzanden. Een frisse mocktail is dus het devies: wel de verkoeling, niet de literaire wartaal.
Met het koele glas in de hand besluit je vervolgens het nuttige met het aangename te verenigen. Waarom zou je dat zomerse tintje niet wat bijwerken tijdens het tikken? Kleren uit, laptop op schoot en in je blootje genieten van de totale vrijheid. Helaas blijkt moderne technologie een diepe, intrinsieke haat te koesteren tegen de zon. Zodra de zonnestralen je scherm raken, zie je werkelijk geen zier meer. Je laptop verandert in een spiegel waarin je enkel je eigen loensende, zwetende gezicht ziet reflecteren, terwijl je geen idee hebt of je nu een meesterwerk of totale wartaal aan het typen bent.
En alsof dat technologische verraad nog niet genoeg is, voel je plotseling een priemende blik in je nek. Jawel, daar is de sneaky buurvrouw, die met een verdacht grote belangstelling over de heg staat te gluren naar de artistieke transformatie in jouw tuin. Met je staart tussen de benen zit er dan ook maar één ding op. Je pakt je laptop, je mocktail en je overgebleven waardigheid bijeen en vlucht halsoverkop terug naar waar je vandaan kwam: dat vertrouwde, donkere hol van je bureau. Binnen is het misschien saai en schemerig, maar daar heb je tenminste geen last van glurende buren, onleesbare schermen of moordlustige wespen. Soms is de veilige beschutting van de schrijverskamer zo gek nog niet.
En dat kan ook in je blootje!
Reactie plaatsen
Reacties